10 stuks, of 20 mini’s van ongeveer 5 cm ø
75 g boter
250 ml melk
25 g verse gist
42 g suiker
1 tl gemalen kardemom
½ tl zout
420 – 480 g tarwebloem
1 ei, opgeklopt, voor het bestrijken van de bolletjes
amandelspijs
slagroom
1. Laat de boter smelten in een pan en voeg de melk toe. Laat het lauwwarm worden, ca 37 graden.
2. Verkruimel de verse gist in een kom en roer de gist los met een beetje van het lauwwarme melk/botermengsel. Voeg de rest van het melk/botermengsel toe.
3. Voeg de suiker en kardemom toe en roer goed.
4. Voeg als laatste het zout en bijna alle tarwebloem toe. Bewerk tot een mooie deeg.
5. Laat het deeg voor ongeveer 30 minuten rijzen op een warme plek.
6. Kneed het deeg door en deel het deeg op in 10 stukken. Rol tot mooie bolletjes en leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat.
7. Laat de bolletjes nog 20 – 30 minuten onder een theedoek rijzen.
8. Verwarm de oven voor op 225˚C (hete luchtoven)
9. Bestrijk de bolletjes met opgeklopt ei.
10. Bak de bolletjes voor ongeveer 8 – 10 minuten (korter voor kleinere bolletjes).
11. Haal ze uit de oven en laat de bolletjes afkoelen.
12. Snij een kapje van de bolletjes af.
13. Hol de bolletjes een beetje uit, bewaar het kruim.
14. Meng het kruim met wat amandelspijs en geklopte slagroom tot een lekkere massa.
15. Vul de bolletjes met het amandelspijsmengsel.
16. Doe een lepel geklopte, gezoete slagroom op de bolletjes. Plaats het kapje bovenop. Bestrooi met poedersuiker en dan lekker opeten